Het Nieuwsblad: "Zo geven we les in 2040: de luie leerlingen worden ontmaskerd door de technologie"

17/10/2018

Kunnen we leerkrachten straks vervangen door een legertje robots? Dat nu ook weer niet, maar tegen 2040 zetten nieuwe technologieën de klas volledig op zijn kop. Dat is de boodschap van Piet Desmet, vicerector educatieve technologie van de KU Leuven, vandaag op een seminarie, georganiseerd door Leuven MindGate ('Professor Robocop' nvdr). “Ons onderwijs moet mee met de technologische sneltrein.”


Extra laagje bovenop de werkelijkheid

Een extra laagje leggen boven de echte wereld. Handig voor leerlingen of studenten die leren hoe ze tuinen moeten aanleggen bijvoorbeeld. Ze gaan ter plaatse, filmen de tuin met hun tablet en zetten er extra boompjes bij op hun scherm. Of ze hebben allemaal een brilletje aan in de les aardrijkskunde die extra informatie projecteert wanneer ze naar een bepaald land kijken op een wereldkaart.

Dat zijn de simpele versies, want er bestaan al veel verregaandere apparaten. “Voor verpleegkundigen is het bijzonder lastig om te leren bloed prikken”, zegt Desmet. “Er bestaat al een machientje dat de hele inwendige structuur van je arm in kaart brengt en vervolgens je aders projecteert op je arm. Weet je meteen waar je moet prikken.”

Frans leren door met chatbot te praten

“Hallo, Google. Welk weer wordt het vandaag?” Simpele vragen stellen aan je smartphone: dat kan vandaag al. Maar in 2040 zijn er ook chatbots in de klas. “Kinderen die een taal leren, kunnen zo conversaties voeren met een apparaat”, zegt Desmet. “Alsof ze een echte Fransman of Engelsman voor zich hebben om mee te praten.”

Nog een stapje verder is dat ze die conversatie in een reële setting hebben. Ze zetten een 3D-bril op hun snoet en wanen zich in één klap in een winkel. “In een natuurlijke dialoog leren kinderen veel beter een taal dan door oefeningen in een boek in te vullen.”



Leren opereren in virtuele wereld

Nog een stapje dieper in de virtual reality: simulaties. Stel je een geneeskunde­student voor. Voor hem ligt een levensechte pop, tjokvol technologie, die dringend geopereerd moet worden. Vanuit de regiekamer simuleert de prof dat er complicaties optreden. “De student moet zo snel mogelijk identificeren wat er aan de hand is en de situatie rechttrekken”, zegt Desmet. “Van daaruit is het een kleine stap richting echte patiënten. Dezelfde technologie kunnen we gebruiken om ­situaties na te bootsen in – vooral – richtingen in het tso en bso.”

Nooit meer die ene leerling die niets doet voor het groepswerk Meten is weten. Ook in de klas van de toekomst. “Er bestaan verschillende soorten data”, zegt Desmet. “Fysiologisch: sen­soren die de pols ­meten, stress, zweet, dat soort dingen. Daarmee kan je achterhalen of leerlingen wel voldoende ­betrokken zijn. Via ­camera’s en microfoons kunnen we ook de interactie ­bekijken. Dragen ze allemaal evenveel bij tot het groepswerk in de klas? Allemaal info die de leerkracht zou kunnen gebruiken bij de evaluatie.”

De data zouden ook in kaart kunnen brengen of leerlingen de leerstof voldoende begrijpen. “Door hun hersen­activiteit te meten terwijl ze een ­examen afleggen, zouden we kunnen nagaan of alle nodige hersengebieden ­voldoende worden geactiveerd”, zegt Desmet.


Bednet voor iedereen

Het idee dat iedereen fysiek aanwezig moet zijn, is in 2040 compleet achterhaald. “Stel je een klas voor met dertig leerlingen op een stoel en dertig anderen die de les volgen via camera’s”, zegt Piet Desmet. De leerkracht kan ook hen zien op tv-schermen. Het lijkt op Bednet, het systeem voor zieke kinderen om van thuis uit de lessen te volgen. “Alleen zit er een heel platform achter om interactie te hebben. Leerlingen kunnen een vraag ingeven. Vragen die de meeste likes krijgen van andere leerlingen, worden het eerst beantwoord door de leraar.”


Bron: Het Nieuwsblad, Jens Vancaeneghem, 17 oktober 2018

Meer info over Professor Robocop - How will we teach in 2040?


Partners